Onder ons Noaberboeren leven veel en verschillende interesses, en daar geven we graag ruimte aan. Vanuit verschillende creatieve perspectieven bleek er belangstelling te zijn voor planten met pigmenten waarmee textiel geverfd kan worden, voor het maken van inkt en als ingrediënt in handgemaakte natuurlijke huidproducten. Hoe leuk is het dan om een verftuin te beginnen?
Eigenlijk hebben we al veel verfplanten staan. In de bloementuin groeien dahlia’s en rudbeckia, in de kruidentuin staat laurierblad en kamille, en voor het afweren van een aantal ongewenste insecten hebben we afrikaantjes verspreid in de groentebedden. Van de groente kunnen we uienschillen gebruiken, in de boomgaard staat een walnootboom die over een aantal jaar bruin gaat opleveren, en de appel- en pruimenbomen geven te zijner tijd kleur met hun bladeren. In de bloemenstroken staat coreopsis, en in de bermen om Erve Aaftink heen kun je boerenwormkruid, fluitekruid en vuilboom vinden.
Onze verftuin wordt dus geen klassiek stuk tuin zoals bijvoorbeeld Rijksmuseum Twenthe dat heeft, maar iets dat door het hele erf heen loopt. We zetten de planten neer op plekken waar ze logisch passen: de eenjarigen bij elkaar, de bloemen in de bloementuin, extra coreopsis in de bloemstroken.
Een heel bekende verfplant is meekrap, die we nu aan het opkweken zijn om straks in een lange strook achter aan de Leem te planten. Meekrap is de enige plant die echt een sterke rode kleur geeft. Het vraagt wel geduld: de wortels moeten zo’n tien jaar in de grond groeien om genoeg pigment te vormen. Na het oogsten worden ze gedroogd, en het rood verdiept nog verder als de wortels een paar jaar blijven liggen. Net zoals bij onze boomgaard vinden we het de tijdsinvestering waard.
Wede is ook bijzonder. Het is de Nederlandse variant van Japanse indigo en levert blauw op, een kleur die in de natuur niet veel voorkomt. Wede heeft een fermentatieproces nodig om ermee te kunnen verven. Ook al is het blauw van wede minder krachtig dan indigo, het proces blijft ontzettend magisch: textiel kleurt geel in het verfbad, en eenmaal uit het verfbad verandert dat geel door oxidatie binnen enkele seconden in blauw.
Met de planten die hier groeien kun je uiteindelijk een verrassend breed palet maken, al duurt het bij sommige soorten dus nog een aantal jaar voordat ze zover zijn. Wouw geeft fel geel, dahlia oranje, rudbeckia geelgroen, fluitekruid fel geel, boerenwormkruid geel, coreopsis oranje. De bladeren van de vogelkers, appel en pruim geven verschillende tinten geel en oranje. Meekrap levert rood, wede blauw, walnootbolster bruin en de bast van de vuilboom een khaki geel/bruin.




We kunnen dus flink gaan experimenteren en uitproberen. En dat willen we samen doen, bijvoorbeeld met workshops. Heb je interesse in het verloop van onze verftuin? Volg ons op de socials, kom langs voor een rondleiding of neem contact op via info@noaberboeren.nl.

